6 tot 8 jaar · Vriendschap

Ruzie op het schoolplein

Gratis voorleesverhaal · 6 minuten voorlezen

Voor een dag waarop het op school niet lekker ging. Zonder moraal aan het eind, wel met een uitweg.

Milan en Jesse waren al vrienden sinds groep 1. En op dinsdag waren ze het niet meer.

Het begon om niets. Om een bal, en om wie er in het doel moest, en om iets wat Jesse zei en Milan niet grappig vond.

"Je bent een aansteller," zei Jesse.

"Je bent zelf een aansteller," zei Milan, en toen liep hij weg en ging bij het hek staan tot de bel ging.

Thuis at hij zijn boterham niet op.

"Vertel eens," zei zijn vader.

Milan haalde zijn schouders op. "Jesse is stom."

"Oké," zei zijn vader. "En wat nog meer?"

Milan zweeg lang. En toen zei hij: "Ik mis hem."

"Die twee dingen kunnen allebei waar zijn," zei zijn vader.

Die avond dacht Milan na over wat hij moest zeggen. Sorry voelde te klein. Niks zeggen voelde te groot.

De volgende ochtend liep hij het plein op. Jesse stond bij dezelfde paal als altijd en keek een andere kant op, wat betekende dat hij precies wist dat Milan eraan kwam.

Milan bleef staan op een halve meter afstand.

"Ik vond het rot wat je zei," zei hij.

Jesse keek naar de grond. "Ik ook," zei hij. "Ik bedoel: ik vond het rot dat ik het zei."

Ze stonden daar nog even. Niemand zei iets aardigs, en dat hoefde ook niet.

Toen schopte Jesse de bal zijn kant op. Milan ving hem met zijn voet.

Ze speelden tot de bel ging, en niemand ging in het doel, omdat ze vergeten waren waar de ruzie ook alweer over ging.

Vraag na het verhaal

Wat zou jij zeggen tegen iemand met wie je ruzie had?

Tip voor het voorlezen

Laat je kind eerst het gevoel benoemen ('ik vond het rot'), niet de schuldvraag. Dat maakt het gesprek makkelijker.